Goej Oard
- Kunstenaar:
- Marieke Vromans
- Geboren:
- 1982
- Oplevering:
- 2014
- Locatie:
- Atelierstraat, Tilburg Oud-Noord
- Materiaal:
- Cortenstaal
- Categorie:
- Object
Over het kunstwerk
Jarenlang lag het braakliggende gebied rond de voormalige NS-werkplaatsen ten noorden van Station Tilburg er verloederd bij. Toen deze locatie werd getransformeerd tot de nieuwe Spoorzone, werd beeldend kunstenaar Marieke Vromans gevraagd om deze plek te transformeren tot een uitnodigende en groene stadstuin. Het resultaat, GOEJ AORD, bevindt zich in de buurttuin van de Spoorzone.
In haar ontwerp heeft Vromans acht grote cortenstalen plantenbakken opgenomen, gevuld met vaste planten. Als je de bakken van bovenaf zou bekijken, zie je dat ze samen de woorden ‘goej oard’ vormen, wat zowel ‘vruchtbare grond’ als ‘je thuis voelen’ betekent in het Tilburgs dialect. Tussen de bakken zijn paden met houtsnippers aangelegd, waar je als bezoeker doorheen kunt struinen. De stadstuin is niet alleen bedoeld voor wandelaars, maar ook als een oase voor vogels, vlinders en bijen.
Het groene lichtobject stelt de halm van de haverplant voor, als verwijzing naar de havervelden die zich hier in de jarig dertig van de vorige eeuw bevonden. Plantachtige vormen duiken vaker op in het werk van Vromans. Zo werd een lantaarnpaal in de Van Berkumstraat ‘aangekleed’ met een bloemvormige lampenkap voor haar project Schemertijd (2012).
GOEJ AORD werd in 2014 aangelegd op de hoek van de Gasthuisring en de Lange Nieuwstraat, maar kreeg in 2018 een nieuwe bestemming in de buurttuin aan de Atelierstraat.
De kunstenaar
Marieke Vromans studeerde tuin- en landschapsarchitectuur aan Hogeschool Van Hall Larenstein in Velp en grafisch ontwerp aan de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht. Als beeldend kunstenaar en landschapsontwerper zet ze zich in om de openbare ruimte te verrijken en verlevendigen. Ze is ervan overtuigd dat een prikkelende, betekenisvolle leefomgeving een betrokken samenleving creëert en dat kleine impulsen een groot verschil kunnen maken. Daarom noemt zij haar werk ‘stedelijke acupunctuur’: kleine prikjes in het stedelijk weefsel voor een verbetering van het geheel. Haar interventies reageren op de realiteit of juist op de verbeelding, soms groots en meeslepend, dan weer klein of verborgen. Altijd vertellen ze een verhaal, prikkelen de nieuwsgierigheid en zetten de zintuigen op scherp.
Andere werken van deze kunstenaar zijn Nie zèèke mar kèèke in het centrum en De rits in het Spoorpark.