Gedicht Glazen Gang
- Kunstenaar:
- Rutger Kopland
- Geboren:
- 1934
- Overleden:
- 2012
- Oplevering:
- 2005
- Locatie:
- Koopmansgbouw/Cobbenhagengebouw, Tilburg West
- Categorie:
- Overig
Over het kunstwerk
In 1971 werd het Koopmansgebouw van de Tilburg University in gebruik genomen, nadat was gebleken dat het Cobbenhagengebouw te klein werd om de groeiende hoeveelheid studenten en medewerkers te kunnen huisvesten. Om te voorkomen dat mensen steeds naar buiten moesten om van het ene naar het andere gebouw te komen, werd door architect Jos Bedaux een karakteristieke glazen gang bedacht.
Al gauw werd de gang een populaire plek voor studenten(organisaties) om hun posters op te hangen. In het begin van de 21e eeuw kwam hier verandering in, omdat de toenmalige collegevoorzitter vanuit de glazen gang meer uitzicht wilde bieden op de groene campus. Nadat de posters naar de mensa waren verhuisd, ontstond er een nieuw probleem: duiven en andere vogels vlogen zich regelmatig te pletter tegen de ramen.
Daarom werd dichter (en wetenschapper) Rutger Kopland gevraagd een gedicht op maat te maken, waarin de gang zelf en het academisch leven het onderwerp zijn. Het gedicht is in het Nederlands en in het Engels (in een vertaling van Willem Groenewegen) aangebracht in de kleuren van de universiteit. Het letterontwerp is van Maarten Meevis.
Het gedicht luidt als volgt:
In deze glazen gang lopen
In je hoofd flarden van een dagdroom
wat je had moeten zeggen
Ja je had moeten zeggen
Wat overblijft is de vraag waar
is de wereld
Zo’n mooie diepzinnige uitspraak
En je spiegelbeeld loopt doorzichtig
met je mee dwars door het park
de bomen het gras de merels
Door wat daar is buiten je hoofd
Bron: website Tilburg University – Kunstwerken op de campus
De kunstenaar
Rutger Kopland, pseudoniem van Rutger Hendrik van den Hoofdakker, was een dichter, wetenschapper, hoogleraar en psychiater. Hij deed in 1959 zijn artsexamen aan de Rijksuniversiteit Groningen. In 1966 promoveerde Kopland op een dissertatie over slaapstoornissen. Van 1981 tot 1995 was hij hoogleraar biologische psychiatrie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Als dichter debuteerde Kopland in 1966 met zijn dichtbundel ‘Onder het vee’. Zijn laatste bundel, ‘Toen ik dit zag’, verscheen in 2008. In 1988 won hij de P.C. Hooft-prijs voor zijn gehele oeuvre.