O.L. Vrouw van het H. Hart van Jezus
- Kunstenaar:
- August Falise en kunstgieterij A. Prowaseck
- Geboren:
- 1875
- Overleden:
- 1936
- Oplevering:
- 1934
- Locatie:
- Lieve Vrouweplein, Tilburg Oud-Zuid
- Materiaal:
- Brons
- Categorie:
- Monument
Over het kunstwerk
In 1933 werd het St. Annaplein omgedoopt tot Lieve Vrouwenplein vanwege de oprichting van het monument ter ere van ‘Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart van Jezus’, de titel waaronder Maria steeds meer vereerd werd als gevolg van de Heilig Hartverering na 1875. De Dochters van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart is een congregatie binnen de Rooms-Katholieke Kerk die in Frankrijk gesticht is, en zich in 1915 in Tilburg vestigde.
In de Tilburgsche Courant werd op 20 juni 1925 een oproep gedaan om geld in te zamelen voor de oprichting van een standbeeld voor Maria. Daarin stond het volgende: “Bestaat er wel ergens ter wereld een volop katholieke stad, dorp, landstreek, waar de innerlijke vereering der H. Maagd zich niet uiterlijk toont door een huldebeeld of -kapel op plein of straat of weg? Waar blijft Brabant, waar blijft Tilburg dan? Al te lang is de herkregen vrijheid, waarnaar gesmacht werd, onbenut gelaten, want nog altijd zijn de velden en wegen, straten en pleinen leeg. Laat Tilburg wéér voorgaan!”
Het uiteindelijke bronzen standbeeld van de heilige maagd met het kind Jezus in haar armen en een knielende vrouw werd in 1933 door kunstenaar August Falise voltooid en een jaar later onthuld door mgr. Diepen. Falise was destijds een gerenommeerde beeldhouwer die al meerdere Heilig Hartbeelden had gemaakt.
Opschrift stenen plaat voorzijde: ‘O.L. Vrouw van het H. Hart van Jezus bescherm Tilburg’. Op de achterzijde: ‘H. Maria Moeder Gods bid voor ons zondaars’
De kunstenaar
August Falise volgde opleidingen in de medailleerkunst, beeldhouwen, handtekenen en boetseren aan de Amsterdamse Rijksschool voor Kunstnijverheid. Daarna trok hij naar Keulen en Luik, waar hij ervaring opdeed in het gieten van brons. Vervolgens keerde hij terug naar Amsterdam om beeldhouwlessen te volgen aan de Rijksacademie van beeldende kunsten. Rond het begin van de twintigste eeuw was er weinig werk voor jonge beeldhouwers, waardoor Falise besloot te gaan werken als tekendocent.
Toch had Falise een scherp oog voor potentiële opdrachten. Zo schreef hij brieven aan gemeentes of er wellicht interesse was in een nieuw standbeeld. Ook maakte hij vele medaillons en plaquettes voor speciale jubilea en herdenkingen.
In het interbellum kreeg Falise veel opdrachten van de rooms-katholieke kerk, waarschijnlijk dankzij zijn vriendschap met de Nijmeegse pater Titus Brandsma. Zo heeft hij een hele reeks Heilig Hartbeelden gemaakt voor katholieke kerken. Daarnaast bleef hij ‘wereldse’ beelden maken, waaronder De Zaaier (1926) voor de toenmalige Landbouwhogeschool in Wageningen en standbeelden van architect Pierre Cuypers (Roermond, 1930) en generaal Van Heutsz (Coevorden, 1933).